5 misvattingen over (politieke) communicatie

5 misvattingen over (politieke) communicatie

Eigenlijk is alle communicatie van politieke aard. Dat is nogal een claim, maar als je politiek in de meest brede zin van het woord ziet, dan klopt het wel: politiek is de ander overtuigen van jouw ideeën.

Die ideeën hebben te maken met een visie op de wereld, hoe dingen zouden moeten zijn en hoe daar te komen. Ik wil niet beweren dat ik als (politieke) communicatiespecialist dús verstand heb van alles omdat alles politiek is. Wat ik wél wil beweren is dat het onderzoeken van de werking van politieke communicatie voor veel meer mensen relevant is dan je in eerste instantie zou denken.

Er zijn behoorlijk wat inspirerende boeken als het om politieke communicatie gaat. Eerder heb ik al George Lakoff genoemd (cognitief linguïst, framing-onderzoeker). Andere aanraders zijn het vlammend betoog over de vrije wil van Victor Lamme in ‘De vrije wil bestaat niet’ en de manier waarop mensen keuzes maken in het inspirerende boek ‘Nudge’ van Thaler en Sunstein. Maar één van de meest vooraanstaande boeken wat mij betreft is geschreven door de politiek psycholoog en neurowetenschapper Drew Westen: ‘The Political Brain’.

Netwerken en narratieven

De kern van dit wereldberoemde boek komt neer op het volgende: Political persuasion is about networks and narratives. Netwerken van ervaringen en concepten en verhalen in onze hoofden. Die netwerken en verhalen heb ik al eerder besproken: dat heeft te maken met framing. Dit is eigenlijk hetzelfde wat George Lakoff ook zegt, overtuigingskracht komt voort uit aansprekende verhalen, die zenden wat er bedoeld wordt te zenden. De meest overtuigende manier om mensen te bereiken is om een bepaalde gedachtegang aan te spreken die al aanwezig is. Het is dus belangrijk om stil te staan bij de dingen die spelen in de samenleving en waar dat allemaal aan gekoppeld is.

5 misvattingen om af te leren

Om goed gebruik te kunnen maken van die netwerken en narratieven is het volgens de specialisten broodnodig om een aantal misvattingen voor eens en altijd achter ons te laten:

  1. We hebben ze feiten aan onze kant, dus ons verhaal zit wel goed. Fout. Zoals Lakoff het verwoordt: the truth will not set you free. Een verhaal slaat alleen aan als het goed verteld is. Dat staat los van feiten en argumenten, mensen moeten zich aangesproken voelen om overtuigd te raken.
  2. Als we het maar goed genoeg uitleggen dan begrijpen mensen het wel en raken ze overtuigd. Fout. Zoals Westen zegt: the road to victory is paved with emotional intentions. Het draait nauwelijks om argumenten in de politiek, het gaat om het aanspreken van de juiste emoties
  3. Mensen moeten aangesproken worden in hun redelijkheid, niet op hun gevoelens. Fout. Redelijkheid is een zeer betrekkelijk iets als het om politieke overtuiging gaat. Mensen reageren veel sterker op emotie dan op argumenten. Dat heeft niets met intelligentie of de tijdsgeest te maken, zo is ons brein nu eenmaal  ingericht
  4. Het is onethisch om in te spelen op emoties. Fout. Westen: Whether an appeal is rational or emotional, or positive or negative, is completely independent of whether it is ethical. Emoties spelen nu eenmaal een belangrijke rol in hoe mensen tegen de wereld aankijken. Daarop inspelen hoeft helemaal niet onethisch te zijn, indien het ingaat op iets wat overeind blijft als je het op rationele wijze ook kunt volhouden. Een voor zichzelf sprekend voorbeeld: Yes We Can. Obama voerde een optimistische campagne waarin werd verwezen naar waarden en hoop
  5. Inspelen op angst is een schande. Fout. Kijk naar het klimaatvraagstuk. De grootste beweging kwam voort uit Al Gore’s ‘An inconvenient truth’. Dat was een flinke angst-appeal. Angst kan op een wijze manier ingezet worden en ook op foute manieren. Maar als het redelijk is om bang te zijn, mag dat best aangesproken worden

Effectieve (politieke) communicatie komt voort uit idealen en waarden. Daar volgen issues uit. Uit issues wordt beleid gevormd. De ontvangers van de boodschap hebben eigenlijk niets te maken met het beleid, dat is werkmateriaal voor de beroepsgroep (politici). Kiezers willen weten waar een partij voor staat, waarom dit belangrijk is en of de partij te vertrouwen is. Deze vragen zijn niet alleen rationeel, maar in hele grote mate ook emotioneel van aard. Dát is de boodschap!


Posted by Sarah Gagestein

Post a Comment

Your email is never published nor shared. Required fields are marked *

*
*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

or