De ellende die troonrede 2013 heet

De ellende die troonrede 2013 heet

Oh oh oh die troonrede. Het blijft toch een toespraak die nauwelijks het label ‘toespraak’ verdient. Dit jaar begon hoopgevend: een nieuwe koning die – warempel – op een persoonlijke en warme manier begon. Maar het bleef bij dat begin.

Vervolgens werd het namelijk een beleidsstuk waar je U tegen zegt. De leek zou zeggen: ‘waar gaat dit over’ en de retoricus zou antwoorden: ‘over alles waar je in een toespraak niet over moet spreken’. Hier word je niet vrolijk van. En dan heb ik het niet alleen over de inhoud, maar ook over de opbouw en de toon.

Het genre helpt niet mee aan de kwaliteit
Nou moet ik er eerlijk bij zeggen, de troonrede is ook een traditie waar bijna niemand zijn ei kwijt kan. Het schrijven van de toespraak gaat als volgt. Eerst wordt er inhoud opgehaald bij de diverse ministeries. Je begrijpt, iedereen wil daar zijn eigen paradepaardje insmokkelen en allen doen hun plasje erover. Dat levert natuurlijk al een ratjetoe op, waar dan een soort van rode draad doorheen gesponnen moet worden. Niet de beste basis om een speech mee te gaan schrijven. Dan begint de schrijver namelijk met de vraag: ‘wat is de essentie van wat ik wil overbrengen?’. Die luxe heeft men niet bij deze troonrede.

Daarna gaat het naar de premier, in dit geval Mark Rutte, die er al dan niet geholpen een beetje een fatsoenlijk verhaal van maakt. Wikken en wegen en zorgen dat niemand zich miskend voelt. Daarna krijgt de koning het onder ogen en die mag de meest onuitspreekbare zinnen een beetje bijbuigen. Of er nog inhoudelijke discussie plaatsvindt, dat valt te bezien. Onze Taal denkt na over de kwaliteit van het Nederlands (Plaats hier je eigen favoriete grap over het Koningslied) en dan zijn we er wel zo’n beetje. Al met al wordt er met weinig liefde aan gewerkt en is het vooral een politieke speech. Niet één waar vurige overtuigingskracht het doel is, maar juist pappen en nathouden.

De inhoud: beleid, beleid en nog eens beleid
Zoals ik al zei, de toespraak begon aardig. De koning gebruikte de inleiding (exordium) om te vleien (welwillend maken om verder te luisteren) en om iets persoonlijks neer te zetten. Hij bedankt Beatrix en bedankt ons, het volk, voor alle betrokkenheid bij zijn inhuldiging en bij het overlijden van Friso. Zo ken ik de Nederlanders ook, zegt hij, als een betrokken volk met tastbare eenheid. Oké, dat is een mooie opmaat naar het slechte nieuws dat daarna gaat volgen.

Na deze inleiding herhaalt hij het standaardelement en tevens structuuraanduider ‘Leden van de Staten-Generaal’. Dan weet je als luisteraar: ‘nou komt het’. Hij schetst de crisis en vertelt dat de gevolgen steeds voelbaarder worden. De voorbeelden die hij echter daarna geeft (aantal faillissementen loopt op, pensioenen staan onder water enz) zijn helemaal niet ‘voelbaar’, maar juist heel abstract. Had hij gezegd: ‘steeds meer mensen en bedrijven moeten gedwongen faillissement aanvragen, steeds meer mensen kunnen lijden verlies op hun huis en steeds meer mensen maken zich zorgen of hun pensioen nog wel genoeg is om fijn van te leven’, dan was het veel dichterbij gekomen.

Die tendens van abstractie blijft helaas in de rest van het verhaal overeind. Er volgt een lange, saaie lijst van maatregelen en beleid om Nederland sterker te maken in de toekomst. Hij vraagt om ‘doorzettingsvermogen’, maar doet helemaal geen emotioneel appèl op de luisteraar waarom die zich zou inzetten voor de zaak. De kern van het verhaal is: hervormen is nu nodig, ongeacht of de crisis nu op zijn einde is, om Nederland krachtig te houden. Boring! Had dat nou meer gekoppeld aan de onoverwinnelijke aard van de Nederlander, waar hij mee begon! Dat is een aardig frame waar de meesten het mee eens zullen zijn en dus een goed vertrekpunt om pijnlijke maatregelen mee te verkopen. Maar helaas, het wordt nauwelijks uitgebuit. Er wordt alleen gezegd dat dit de tijd is voor een ‘participatiesamenleving’, een jargonwoord dat eigenlijk zoveel betekent als ‘vadertje overheid zegt: zoek het uit’. Tja, als je zo’n woord inzet moet je hem wel framen met concrete verhalen en beelden. Wat dus niet gebeurt.

De vorm: beleid, beleid en nog eens beleid
Mijn excuses dat ik zo negatief ben. Dat is niet mijn stijl. Maar ik vind dat deze troonrede echt een onvoldoende verdient. Er zit namelijk welgeteld één florissant stijlmiddel in dat de moeite waard is. En wel het allermakkelijkste stijlmiddel dat een retoricus voorhanden heeft: de drieslag. ‘In deze tijd willen mensen hun eigen keuzes maken, hun eigen leven inrichten en voor elkaar kunnen zorgen’. Daar kun je het niet mee oneens zijn, totdat blijkt dat daarom dús nog 6 miljard bezuinigd moet worden. Dan wordt het een ander verhaal.

Ook in de opbouw van de toespraak mankeert het een en ander. Aan het einde volgen namelijk ineens 4 ‘moetjes’: de EU, defensie, ontwikkelingshulp en de Caribische delen van het Koninkrijk. Daar willen ze het eigenlijk niet over hebben, maar die moeten er nou eenmaal echt in. 4 nagenoeg lege paragrafen qua inhoud en ook niet zo spannend om naar te luisteren. Er wordt nauwelijks teruggegrepen naar de rode draad van de toespraak en daardoor gaat het verhaal uit als een nachtkaars. Jammer! Godzijdank werd Koningin Maxima nog even genoemd, daar worden de meesten weer een beetje wakker van.

Nog een ding waar ik niet vrolijk van word: de overdaad aan getallen. Getallen zijn namelijk zelden aansprekend en worden vaak alleen als autoriteitsmiddel/rookgordijn gebruikt. Bij gebrek aan een mooi verhaal, gooit men er maar weer een percentage in. ‘Met ingang van 2014 wil de regering de maximale aftrek voor de eigen woning geleidelijk terugbrengen naar 38%. Dit zal gebeuren in 28 jaarlijkse stappen van een half procent’. Een prachtig rookgordijn om aan te kondigen dat de hypotheekrenteaftrek/villasubsidie wordt veranderd. Snurk! Was er gezegd: ‘Mensen met een middeninkomen gaan erop vooruit omdat we de hypotheekrenteaftrek zó veranderen dat die klopt met het inkomen. We bouwen het rustig af, zodat iedereen daar genoeg rekening mee kan houden’. Klinkt al een stuk toegankelijker. En die cijfers zijn echt niet nodig.

En tot slot
Last but not least, vind ik het best heftig dat onze nieuwe koning een tekst krijgt voorgeschoteld waar zo weinig draagvlak voor is. De FNV protesteert tegen meer bezuinigingen, de oppositie klaagt steen en been en volgens een poll van de NOS heeft 82% geen vertrouwen in de koers van dit kabinet. Om dan de koning zo stellig te laten uitspreken dat veranderingen ‘noodzakelijk’ zijn, vind ik ergens wat aanmatigend. Want over hoe Nederland de toekomst moet ingaan is vooral verdeeldheid de norm. Het was krachtiger geweest als de koning een invoelbaarder beeld van de nabije toekomst had geschetst in combinatie met een fear appeal als het niet gebeurt, in plaats van dit vage beleidsstuk. Ik sluit dan ook af met een wens aan Rutte: please realiseer je dat je je gelijk pas krijgt als je een persoonlijk, visiebiedend verhaal neerzet. En Hoogheid: u kunt er ook niks aan doen dat u zo’n beroerde souffleur heeft!

Lees HIER de uitgeschreven tekst van de Troonrede 2013!


Posted by Sarah Gagestein

Categorised under Geen categorie
Bookmark the permalink or leave a trackback.

Post a Comment

Your email is never published nor shared. Required fields are marked *

*
*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

or