De verhalende kracht van beeldframing

De verhalende kracht van beeldframing

Ik heb het meestal over taal. Dat is niet voor niks, want taal is zeg maar echt mijn ding. Maar, voor beeld maak ik ook graag tijd, want beelden communiceren misschien nog wel sterker dan taal.

Ik las onlangs een prachtig boek over beeldframing, geschreven door communicatieonderzoekers Grabe en Bucy. In dit stuk deel ik wat boeiende inzichten die zij in dit boek ‘Image bite politics’ geven. Doe er je voordeel mee!

Neutrale beelden bestaan niet
Het belangrijkste om in je achterhoofd te houden is dit: neutrale beelden – net als taal – zijn onmogelijk. Wat in beeld is en wat buiten beeld blijft, stuurt ons in onze interpretatie. Het is raadzaam om goed stil te staan bij alle aspecten die je in beeld brengt: de gehele mise en scène levert elementen die bijdragen aan betekenisvorming. Tijdens een politieke toespraak maakt het bijvoorbeeld uit:

  • Hoe de spreker wordt gefilmd (van voren, boven of onder)
  • Wat de spreker draagt (net gekleed of juist casual. Welke kleuren?)
  • Hoe de spreker acteert (kijkt hij kwaad als hij het over onrecht heeft?)
  • Hoe het beeld wordt uitgesneden (long shot, medium shot of juist heel intiem?)
  • Wat er verder in beeld komt (een human wallpaper? Een hele patriottistische vlag? Een suffe bos bloemen? Een gapend jongetje (zie foto Bush) die duidelijk signaleert hoe saai het wel niet is wat hij vertelt?)
  • Hoe er geëdit wordt (zie je de spreker maar hoor je hem niet? Bevriest het beeld terwijl hij/zij net een beetje sullig kijkt?)

De bovenstaande punten gelden voor een toespraak, maar ook voor nieuwsberichten, reclames en profielfoto’s op datingsites. Door een gunstig beeld neer te zetten win je aan overtuigingskracht en door het beeld te verwaarlozen loop je de kans dat mensen signalen oppikken en verwerken die je niet zo bedoeld had.

Waarom beeld zo sterk beïnvloedt
Beelden werken beter dan woorden, zowel gesproken als geschreven. Beelden worden krachtiger verwerkt door het brein dan woorden en worden daardoor door het brein voorgetrokken. Daarbij worden ze ook nog eens beter onthouden dan woorden. De reden dat beelden prioriteit krijgen als het om snel verwerken gaat, heeft alles te maken met onze evolutionaire ontwikkeling. Snel kunnen reageren op gevaar is soms een kwestie van leven of dood. Zonder dat we het oordeel van ons trage bewustzijn moeten afwachten, reageert ons lichaam op stimuli die ineens verschijnen. De eerste, ruwe classificatie van een beeld is razendsnel en kost bijna geen cognitieve moeite. Uit de afwezigheid van cognitieve moeite blijkt ook meteen dat de meeste verwerking onbewust gaat. Dat verklaart ook waarom beelden veelal een sluipend effect hebben.

Ondanks dat de meeste mensen opgroeien met televisie en computer, kan ons brein nog steeds geen onderscheid maken tussen gemedieerde beelden (Jurassic Park op tv) en echte beelden stellen beeldonderzoekers Grabe en Bucy (2009, p.15). Daarom krimpen we net zo goed in elkaar van een ineens opduikende dinosaurus als op straat als we ineens een fietser op ons af zien komen. Voordat we ons goed en wel bewust zijn van wat we zien, is ons lichaam in staat van paraatheid gebracht om te kunnen vluchten of vechten als dat nodig is.

Rutte verdient een prijs voor het kiezen van de lelijkste achtergrond tijdens zijn reactie op de abdicatie van Beatrix. Hillary Clinton werd even op een gek momentje bevroren en Nixon kan wel wat make-up gebruiken.

Hoe Nixon visueel geframed werd
Beeld kan je maken, maar beeld kan je ook breken. Het overkwam oud-president Nixon in een televisiedebat tegen Kennedy in 1960 (lees ook in Grabe en Bucy p.94-95). De mensen die het debat op de radio hadden gevolgd, waren enthousiast over de prestatie die Nixon had neergezet. Dat gold absoluut niet voor de mensen die het op televisie zagen. Nixon zag er namelijk bleek en alles behalve presidentieel uit. Hij had een ontstoken knie en was koortsig. Tot overmaat van ramp had hij ook nog nèt voor het debat begon diezelfde pijnlijke knie gestoten.

Chagrijnig weigerde hij gepoederd te worden voorafgaand aan het debat. Een funeste beslissing bleek later, want mensen worden natuurlijk niet voor niks stevig opgemaakt. Matthijs van Nieuwkerk laat niet voor de lol flinke blosjes op zijn wangen poederen, want op televisie lijk je veel bleker dan je bent door al het licht. Nixon zag er op televisie misschien nog wel beroerder uit dan hij zich voelde. In contrast met de bruine, frisse en gezond ogende Kennedy werd de zweet-wissende vaatdoek-ogende Nixon nog zwakker. Helaas voor Nixon was inmiddels het televisietijdperk in volle gang. Hij verloor de verkiezingen en maakte tijdens zijn volgende campagne nooit meer zo’n fout. Als je sterk klinkt, maar zwak oogt, dan staat je zaak er slecht voor.

Conclusie: wees oplettend met beeldgebruik
Natuurlijk is er nog veel meer om op te letten, dit is pas een tipje van de sluier. Maar in plaats van een hele lijst met dingen te geven waar je op moet letten, geef ik hier liever een algemeen advies: neem de tijd om je beeld te vormen. Bij een bijeenkomst kun je bijvoorbeeld even een rustmomentje pakken om even op een stoel in het publiek te gaan zitten voordat het evenement begint om te kijken. Wat zien zij straks? En hoe zou dat overkomen?

Vraag ook anderen om hun visie, wellicht zien zij andere dingen dan jij. Wat jij ‘netjes’ vond overkomen, blijken anderen ineens ‘suf’ te vinden. Kijk, dat is waardevolle informatie. Probeer door de ogen van de ander te kijken en denk goed na over wat je graag wilt vertellen met je beeldframe. Zorg dat alle visuele elementen dat frame ondersteunen. Dan sta je visueel in ieder geval sterk!


Posted by Sarah Gagestein

Categorised under Geen categorie
Bookmark the permalink or leave a trackback.

One Comment

  1. Leuk artikel! Goed om mensen even aan te herinneren en om aan te geven dat communicatie draait om het geheel!

    9 september 2013 @ 10:15

Post a Comment

Your email is never published nor shared. Required fields are marked *

*
*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

or