Taalsport, sporttaal

Taalsport, sporttaal

Er is één belangrijk televisieprogramma dat sportliefhebbers en taalliefhebbers gemeen hebben: Studio Sport.Want hoewel de voetbaluitslagen mij niet echt beroeren, is het creatieve taalgebruik van de commentatoren een lust voor het oor.

Luistert u even mee?

Dure punten

Zo werd laatst een verloren wedstrijd benoemd als ‘verlies van dure punten’. Het is niet alleen een verlies, het is ook nog duur. Waar de gemiddelde taalgebruiker een zwaar verlies of een groot verlies zou gebruiken, benoemt de commentator hier een andere pijn. Is het letterlijk duur? Naar mijn weten niet. Maar we begrijpen het wel. Een groot verlies is één ding, een duur verlies voel je op de plek waar de Nederlander liever geen pijn voelt.

Een andere manier waarop puntverlies ter sprake kwam is dat er ‘puntjes gemorst werden’. Ook hier gaat het in (bedekte termen) over verlies. Verlies van de wedstrijd welteverstaan, de betreffende club zakt hiermee in het klassement. In tegenstelling tot ‘dure punten’ wordt hier alleen ‘wat gemorst’. Een ongelukje dat wel weer opgelost kan worden lijkt de commentator te suggereren. Morsen is beduidend minder erg dan iets duurs verliezen. Maar morsen is wel een beetje voor sukkeltjes. Reden tot schaamte dus voor de morsende club.

Oorlog op het veld

Om een boodschap begrijpelijk, emotionerend en overtuigend te maken worden vaak metaforen  gebruikt. Met metaforen kunnen abstracte zaken concreter gemaakt worden, of concrete gebeurtenissen gekoppeld worden aan een ‘groter’ gevoel. Bij sport worden vaak oorlogs- of strijdmetaforen gebruikt. Wanneer de spits er met de bal vandoor gaat is dat een aanval. Dat is geen hele uitzonderlijke beeldspraak.

Maar een speler ‘slachtofferen’ is andere koek. In de strijd om de overwinning werd tijdens de tweede helft een speler geslachtofferd, oftewel: gewisseld. Hij keek ook wat bozig toen hij het veld af moest, dus de commentator verwoordde met dit woord hoe deze speler zich op dat moment voelde. Hij moest ruimen om de wedstrijd te kunnen winnen.

Dwarrelende ballen

Gelukkig worden niet alleen negatieve momenten verwoord met beeldspraak. Zo werd er in de wedstrijden in de samenvatting ook gescoord. Tweemaal werd dat aangeduid als: ‘dat doelpunt dwarrelt er mooi in’. Volgens de Van Dale betekent het werkwoord dwarrelen zoiets als ‘verward zweven’. Dwarrelen lijkt dus niet echt te getuigen van doelgerichtheid (letterlijk). Elders op het web staat de volgende voetbal-zin: ‘Niet veel later was het een vrije bal van Columbia die ‘zomaar’ de goal in dwarrelde’. Het toevoegen van ‘zomaar’ geeft aan dat een ‘dwarrelend doelpunt’ dus geen gouden kans is, maar een gelukstreffer of een matige kans die tóch benut wordt. Omdat ze ‘mooi dwarrelen’ kan de speler die hem erin schoot op de goedkeuring van de commentator rekenen.

Taalsport

Het is een genot om te luisteren naar sportcommentators dankzij hun pogingen om de taal te verrijken met aparte beeldspraak én vaak ook totaal nieuwe woorden. Zo kan de wielersport er ook wat van. Wat te denken van stoempen, geparkeerd staan, asfalteczeem, aan het elastiek hangen, d’r op en d’r over, een ontsnapping of een treintje opzetten? Geen idee waar dit over gaat? Een woordenboek erbij pakken zal weinig helpen. Lees en leer hier de taal van de wielersport of lees hier een leuk artikel over voetbaljargon. Er zit vast een beeldspraak of woord tussen dat op de werkvloer bruikbaar is. Want staan we niet allemaal geparkeerd na 3 uur vergaderen?


Posted by Sarah Gagestein

Categorised under Artikel
Bookmark the permalink or leave a trackback.

2 Comments

  1. Zijn de presentatoren zich bewust van de metaforen die ze gebruiken of is het meer iets dat in het taalgebruik sluipt? Je hoort toch telkens nieuwe termen. Enig idee hoe die hun weg vinden naar het algemeen taalgebruik? 🙂

    28 april 2011 @ 16:06
  2. Sarah Gagestein

    Ik denk dat een deel van de metaforen bewust is en een deel onbewust. Mensen gebruiken bijvoorbeeld vaak strijd-metaforen zonder precies uit te kunnen leggen waarom ze dat doen. Omdat abstracte zaken vaak metaforisch worden voorgesteld, sluipen veel metaforen het dagelijks taalgebruik in.

    Maar ik denk dat veel sporttermen worden bedacht uit de behoefte om dingen te categoriseren, behoefte aan eigen jargon en uit pure meligheid. Als die termen ingeburgerd raken, vallen ze niet meer op als ‘gek woord’. Zodra genoeg mensen begrijpen wat het uitdrukt, kan het ook buiten de oorspronkelijke context gebruikt worden. Geinig toch?

    29 april 2011 @ 15:23

Post a Comment

Your email is never published nor shared. Required fields are marked *

*
*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

or