Hoe kies je de juiste waarde?

Een briljant overtuigend verhaal bestaat uit méér dan een paar ronkende oneliners. We laten ons namelijk pas echt goed overtuigen als een boodschap ons raakt. Als we meteen weten waarom het ertoe doet. Dat heeft alles te maken met hoe ons brein in elkaar zit.

 

Een overload aan prikkels

Probeer je maar eens een voorstelling te maken van de hoeveelheid prikkels die je op een dag binnenkrijgt. Het begint met een wekker en de temperatuur van het douchewater, zet door naar alle prikkels die je onderweg in het verkeer tegenkomt en aan het eind van de dag krijg je nog het journaal te verwerken en hoor je aan het gekletter van borden dat ze te lomp in de vaatwasser worden gezet. En dat zijn er dan nog maar een paar. Natuurlijk scheelt het per persoon hoeveel prikkels je in je omgeving hebt, maar je verwerkt er minimaal een paar duizend per dag. Dat is een aardige klus voor je arme brein.

Al die prikkels kun je niet actief en bewust verwerken. Dat kost veel te veel cognitieve energie. En dus wordt er door het brein selectief geshopt: welke prikkels zijn van belang? Welke zijn relevant en gaan écht ergens over? Alleen de belangrijkste prikkels worden doorgestuurd. De rest verdwijnt naar de achtergrond en doen we dus onbewust af als ‘ruis’. De rest hoeven we dan eigenlijk niet meer te horen, want we hebben ons oordeel al geveld: njet. Wil je dat jouw boodschap écht overkomt? Dan kun je er dus maar beter voor zorgen dat de ontvanger meteen begrijpt waar het nou in de kern om draait én dat het relevant is! Een slim gekozen kernwaarde is dus van levensbelang voor een krachtig en gefocust frame.

 

De juiste waarde

Alleen: hoe kies je de juiste waarde? Je hebt rekening te houden met drie variabelen. Ten eerste: past de gekozen waarde bij het onderwerp? Als dat niet zo is, kan je boodschap juist voor meer ruis zorgen in plaats van meer duidelijkheid, omdat het voor de ontvanger van de boodschap niet meteen duidelijk is waar het nou om gaat. Stel dat je mensen wilt aansporen om een abonnement af te sluiten bij de bibliotheek. Er zijn verschillende waarden die zich goed lenen voor dit onderwerp, denk daarbij aan zelfontplooiing (iets leren van boeken), gelukkig zijn (ontspanning ervaren van lezen), schoonheid (boeken als kunstobjecten waarderen) of zelfs avontuurlijkheid (op ‘reis’ in je fantasie). Het zijn waarden die makkelijk te koppelen zijn aan boeken en een bibliotheek en die meteen duidelijk maken waarom je verschillende boeken zou willen lezen. Maar een boodschap die inzet op sportiviteit, privacy of oplettendheid ligt iets minder voor de hand. Met als resultaat dat het brein van de ontvanger niet achter het grote ‘waarom’ komt en dus afhaakt. Jammer!

Hoewel je puberdochter misschien overtuigd kan worden om bepaald gedrag te laten zien omdat dat ‘volwassen’ is, laat een collega zich misschien weer beter overtuigen door een waarde als ‘betrokkenheid’. Waar de één zich in het oranje uitdost uit ‘vaderlandsliefde’ doet de ander dat juist om ‘erbij te horen’. Wil je dat mensen alleen nog maar biologisch geproduceerd vlees kopen? Afhankelijk van je publiek kun je kiezen voor bijvoorbeeld ‘diervriendelijkheid’ of ‘eigen gezondheid’. Oftewel, variabele nummer twee: past de waarde bij de ontvanger van je boodschap? Belangrijk, want als de ander het niet zo’n belangrijke waarde vindt, zal jouw boodschap snel in het mentale afvoerputje verdwijnen.

En ten derde: past de waarde bij het beeld dat de ander van jou heeft? Want als je iets wilt vermijden, is het wel dat jij als ongeloofwaardige, hypocriete of onbetrouwbare bron wordt weggezet. Een klein voorbeeld: je kent vast de bordjes in de hotels wel waarop staat dat zij zich zorgen maken om het milieu en of je wilt meehelpen door je handdoek nog een keer te gebruiken. Een prima ideaal natuurlijk, maar het is maar de vraag of het hotel zich deze waarde (zorg voor het milieu) kan veroorloven. Laat het hotel op meerdere vlakken zien dat het zich inzet voor een beter milieu door bijvoorbeeld de wc’s door te spoelen met douchewater? Dan is dit een prima boodschap. Maar slaap je in een groot hotel waar ’s nachts alle lampen branden en ’s ochtends de helft van het ontbijtbuffet wordt weggegooid? Grote kans dat jouw brein dan zegt: ‘Ja dag, ze willen gewoon minder wassen en zo geld besparen!’

 

Een waardenlijst

Nog een hulpmiddel dan, want waar begin je in hemelsnaam? Hieronder vind je een hele waslijst aan waarden, gecategoriseerd naar overkoepelend thema. Het is zeker geen uitputtende lijst, maar het moet je zeker op weg kunnen helpen. Gebruik ‘m als volgt: maak eerst een lijst met alle waarden die bij je onderwerp passen en ga vervolgens strepen: welke van die waarden passen bij mijn publiek? Welke bij mij? Waar zit de overlap? En dan de moeilijkste stap: kies er uiteindelijk één. Want dan krijgt je het krachtigste en meest gefocuste frame. Heb je heel veel moeite met kiezen? Bedenk dan dat überhaupt de keuze maken waarschijnlijk al een hele grote verbetering is. Succes!

5 tips om ons brein te helpen bij nieuwe Coronagewoontes

We nemen het even voor je op, lieve lezer, wie je ook bent en wat je ook doet. Er wordt behoorlijk veel van ons gevraagd de afgelopen tijd. En dan bedoelen we niet alleen het thuiswerken en binnen zitten. We bedoelen dat ons brein het aardig lastig heeft sinds de diverse aangekondigde maatregelen. We moeten ineens een hoop dingen anders dan normaal doen: 1,5 meter afstand houden, niet aan je gezicht zitten en om de haverklap handen wassen. En dan nog iets wat vreselijk contra-intuïtief voelt: juist niet je vrienden en familie opzoeken in een tijd met zo veel onzekerheid. Het zijn dingen die niet alleen bewust lastig zijn, maar ook onbewust veel energie vreten. Dat komt door de manier waarop ons brein functioneert. In dit artikel willen we het dus even voor jou en je overwerkte brein opnemen. Want het is echt begrijpelijk als het even niet lukt. In dit artikel lichten we toe hoe ons brein werkt en geven we je een aantal tips om je brein te helpen met alle veranderingen.

 

Anders dan normaal, kost energie

De meeste dingen die we doen, doen we nagenoeg op de automatische piloot. Ons brein laat ’t routineuze werk over aan een denksysteem dat onder de radar van ons bewustzijn opereert. Je dagelijkse rondje lopen, de was ophangen of douchen; het kost ons nagenoeg geen cognitieve moeite. Zo houden we voldoende van onze beperkte breinenergie over voor de écht lastige of nieuwe dingen, zoals een lastige email of het volgen van een gebruiksaanwijzing. Ons routineus gedrag pas je niet even zomaar aan. Om dat te doen, moet je een aantal keer heel bewust nieuwe beslissingen nemen. En dat kost aardig wat energie. Winkelen in de supermarkt wordt zo ineens een hele andere mentale taak, waarbij we onbedoeld toch gewoon met enige regelmaat vervallen in wat we gewend zijn. Het is voor ons brein echt best lastig om alle andere bezoekers en het personeel in de gaten te houden voor voldoende afstand én tegelijkertijd na te denken over wat je allemaal ook alweer nodig had voor het recept dat je in je hoofd hebt. We kunnen minder goed multitasken dan we denken en overvragen onszelf.

 

Tip 1: Ontlast je brein en bedenk voordat je naar buiten gaat wat je precieze plan is. Ontwikkel nieuwe routines. Niet alleen een boodschappenlijstje voor in de super, maar ook al een wandelroute en een uitwijkmogelijkheid als blijkt dat op ‘jouw route’ ineens te veel mensen lopen om 1,5 meter te kunnen blijven volhouden.

 

Routine laten we niet zomaar los

Daarnaast stuurt ons brein ook aan op het blijven volgen van routine, ook als we besloten hebben van die routine af te stappen. Dus als we dingen anders moeten doen dan normaal, is er een kans dat ons brein een beetje weerstand activeert, simpelweg omdat het anders is. Die weerstand herken je doordat we tegen onszelf zeggen dat we niks meer ‘mogen’ en we de schuld zoeken bij anderen. We gaan immers op zoek naar argumenten die dat negatieve gevoel van weestand onder woorden kunnen brengen. Als jij elke dag even langs je moeder wandelt, dan is het niet alleen het verlies van contact dat je moet accepteren, maar ook het verlies van die gewoonte. Dat voelt dan ook niet als jouw keuze, maar als een inperking van je vrijheid. Opgestapelde extra onzekerheid voor je brein en dat voelt vervelend. Want juist in tijden van grote onzekerheid verlangen we extra naar kleine zekerheden en voorspelbaarheid. De een kan er iets beter tegen dan de ander, dus een beetje compassie kan geen kwaad. Wat kun je doen te voorkomen dat jouw eigen brein of het brein van een ander zich laat leiden door weerstand? De manier waarop je een nieuwe regel of afspraak framet, doet er enorm toe.

Tijdens de persconferentie van maandag 23 maart benadrukten zowel premier Rutte als minister Grapperhaus uitgebreid hoe de meeste mensen in Nederland het goed doen. Ze waren ook kritisch op mensen die naar het strand waren gegaan, waardoor het daar toch echt te druk was. Maar ze begonnen met het complimenteren van de thuisblijvers. Zo kregen we niet allemaal op ons donder, maar alleen de minderheid die nog te weinig rekeninghoudt met anderen. Daarna konden ze streng zijn, zonder dat alle kijkers het gevoel krijgen dat het ‘ook nooit goed is’.

Strandgangers ‘asociaal’ noemen, is kiezen voor de ‘stok’. Je kunt ook eerst voor de ‘wortel’ gaan. Rutte had ook kunnen zeggen: “Een hoop mensen dachten, ik ga naar het strand. Een goed idee, maar omdat een hoop anderen dat ook dachten, waren er te veel mensen bij elkaar. Natuurlijk was dat niet de bedoeling, maar helaas wel de uitkomst. U bent daar misschien zelf ook van geschrokken, dus daarom gaan we nu burgemeesters de middelen geven om stranden te sluiten zodat dit niet meer kan gebeuren. U kwam naar het strand voor een gezonde wandeling, niet om het besmettingsgevaar te vergroten.” De ‘stokmethode’ zal ook helpen als deze wordt toegepast door de autoriteiten, maar probeer waar mogelijk eerst een positieve boodschap.

 

Tip 2: Kies waar mogelijk eerst een positieve boodschap. Begin met complimenten bij goed gedrag, zodat we een beloningsprikkel kunnen activeren die ons onbewust blijft aanmoedigen om de extra moeite te nemen en het nieuwe gedrag vol te houden.

 

In de verdediging

Met je portemonnee in je hand, trek je dat briefje van 20 euro al half tevoorschijn, als je opeens naast de kassière een briefje ziet hangen dat ze bij voorkeur geen contante betalingen meer accepteren. Pfff… hadden ze dat niet even eerder kunnen melden? Ook als we alleen nog maar in ons hoofd al begonnen zijn met contant geld pakken, is het moeilijker om dat af te breken en een andere handeling ‘op te starten’. Breng daarom de boodschap voordat mensen gaan handelen en hang het briefje op daar waar mensen hun spullen op de band leggen. Zo hebben ze even tijd om te anticiperen.

 

Tip 3: Communiceer vóórdat mensen routineus starten in hun oude modus, zodat ze even bewuste denktijd krijgen hoe ze het anders dan normaal gaan doen.

 

Het moment van communiceren gekozen? Ga dan in de schoenen van de ontvanger staan tijdens het bedenken van je briefje. Schrijf liever ‘Door met PIN te betalen draagt u bij aan ieders veiligheid en voorkomt u besmetting, laat het weten als u alleen contant kunt betalen’ dan ‘Vanwege corona nemen wij alleen contant geld aan als u niet wilt pinnen’. Het is zonde als een wat vingerwapperend briefje onnodig het vuurtje onder de (onbewust getriggerde) irritatie verder aanwakkert. En zet de ander al helemaal nooit in de slechterikenrol, want dan gaan we ons juist verdedigen, ook al weten we eigenlijk zelf ook al dat we fout zaten.  We worden dan – zonder dat we zelf precies snappen waarom –  minder bereid om ander gedrag te vertonen.

 

Tip 4: Frame een nieuwe regel als een extra beschermingsmiddel, niet als ‘fout gedrag’. Benadruk op een concrete manier wat het oplevert en waarom dat belangrijk is. Blijf ook feedback geven dat het goed gaat.

 

Ja, je moét het echt 10x zeggen. En blijf herhalen dat het goed gaat

Overschat jezelf en de ander niet. Geef maar eerlijk toe: ben je een keertje tóch die afgesloten weg ingedraaid met de auto, terwijl je eigenlijk wel wist dat je er niet langs kon? Of heb je tóch weer die blauwe Tony Chocolonely gekocht terwijl je inmiddels ook wel weet dat róód melk is? Volstrekt menselijk. Onbewust stuurt ons brein ons nog een tijdje naar oude routine, ook als we bewust weten dat dit gedrag niet handig (meer) is. Geef feedback en dan met name hoe je het goed doet. Veel supermarkten zijn nu ook lijnen aan het neerleggen zodat mensen kunnen zien wanneer ze voldoende afstand houden. Een simpel hulpmiddeltje ter herinnering. Want ook mensen die het graag goed willen doen, kunnen in oud gedrag vervallen. Kan thuis ook: hang briefjes op of zet een alarm aan in je telefoon om jezelf te herinneren aan je nieuwe gewoontes.

 

Tip 5: Blijf jezelf en anderen herinneren aan het nieuwe gedrag. Zo blijf je investeren in de nieuwe routine en op een gegeven moment ‘plakt’ het nieuwe gedrag. Já, je moet het echt tien keer zeggen voordat we het onder de knie hebben.

 

Gewoon blijven doen, het wordt echt normaal

Geef het even tijd. We kunnen ons kwaad maken telkens als we mensen foute dingen zien doen, maar misschien is het helemaal geen nonchalance wat je ziet, maar een terugvallend brein. Elke dag zie je op straat en in winkels dat het een beetje beter gaat en dat het nieuwe gedrag inslijt. Dat kost tijd én mentale moeite. En hoe raar die ellenboog-groet of Wuhan-footshake ook voelt, geloof ons: het wordt vanzelf normaal. Gewoon door het vol te houden. Net als alle andere gewoontes van handenwassen, afstand houden en elkaar bellen in plaats van even langsgaan. Op een gegeven moment weet je brein niet beter en dat levert je aardig wat extra mentale capaciteit op. Iets om naar uit te kijken dus!

 

Ruttes coronatoespraak: elk woord gewikt en gewogen

7,6 miljoen mensen keken naar de toespraak van minister-president Mark Rutte over de laatste stand van zaken omtrent het Coronavirus. Het wordt zelfs al een ‘historische toespraak’ genoemd. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de Franse president Macron waren er voor Rutte geen grote nieuwe maatregelen om aan te kondigen. Waarom dan toch deze grote speech? Om onze vragen te beantwoorden, aldus Rutte zelf: “In de wereld van vandaag zijn nieuws en informatie sneller dan het licht en is een mening ook snel gegeven. Ik begrijp dat.” Alles wat er nu rond Corona gebeurt is ongelooflijk ingewikkeld en we snakken naar ‘simpele oplossingen’. Fake news vindt gretig aftrek. Wat is écht en wat is onzin? Deze speech moest niet alleen goed uitleggen, maar ook krachtig weerwoord bieden aan alle rondzingende sappige verhalen. Hoe pakte hij dit aan?

 

Hij maakt het onzichtbare weer zichtbaar

We kunnen onze vijand niet zien. Dus hij heeft hulptroepen nodig om te verbeelden wat er aan de hand is. In de korte speech staan aardig wat metaforen die hem helpen om verbinding te maken tussen wat er gebeurt, hoe we dat ervaren en wat we eraan moeten doen:

  • Corona houdt ons in de greep (gevangenis-metafoor)
  • We zitten in een achtbaan die steeds sneller gaat (beweging-metafoor)
  • Nieuws dat sneller gaat dan het licht (beweging-metafoor)
  • We moeten blijven varen op het kompas van wetenschappelijke kennis en betrouwbare feiten (reismetafoor)
  • Corona is onder ons en blijft onder ons (personificatie)
  • Er is geen eenvoudige of snelle uitweg (verkeersmetafoor)
  • Het virus afremmen (verkeersmetafoor)
  • Immuniteit opbouwen (bouwmetafoor)
  • Een beschermende muur om kwetsbaren heen bouwen (bouwmetafoor)
  • Het land platleggen (land als lichaam)
  • Het coronavirus als een golf door de wereld (vergelijking met natuurgeweld)
  • Het virus grijpt ongeremd om zich heen (personificatie)

Het zijn allemaal metaforen en vergelijkingen die ons brein helpen het onzichtbare weer een beetje zichtbaar te maken. Ondanks dat we dit nog nooit hebben meegemaakt, kunnen we het relateren aan dingen die we wél kennen. Dankzij deze goed gekozen verbeelders, geeft Rutte ons een kapstok waar we alles wat er nu gevoeld en ervaren wordt aan kunnen ophangen. Het voelt misschien alsof deze metaforen er ‘gewoon’ in belanden, maar het zijn nou juist deze woorden uit de speech die het meest zorgvuldig gewikt en gewogen zullen zijn. Juist omdat ze zó veel doen in ons brein, bewust en onbewust. Even ter vergelijking: Trump koost eerder voor een ‘foreign virus’, ‘confront and defeat’ en ‘fight the virus’. Oftewel: het is een vijandelijke indringer die elk moment kan toeslaan. Battle royal. Een stuk angstaanjagender dan waar onze premier voor kiest. 

 

Drie opties, kiest u maar

Ook enorm sterk was de keuze om drie opties te noemen: we kunnen het virus gecontroleerd laten verspreiden, het virus zijn gang laten gaan of het land compleet dichtgooien. De redenering die volgt is briljant in zijn eenvoud. Niet alleen weet Rutte een behoorlijk complexe situatie in een paar zinnen volstrekt duidelijk te maken, ook het handelingsperspectief dat hij voorstelt is voor de luisteraar niet één van de opties, maar dé oplossing geworden. Waar het uitblijven van nieuwe maatregelen misschien eerst ‘slap’ voelt, zorgt het ‘gecontroleerd en beheerst verspreiden’-frame ervoor dat het een bewuste en strategische keuze is om niet de boel verder op slot te gooien. Zeker ook omdat hij heel sterk onderscheid maakt tussen ‘beheerst verspreiden, uitsmeren en muur opbouwen’ enerzijds en ‘het virus onbeheerst zijn gang laten gaan’ anderzijds.

 

Een voor allen, alleen voor een

Wanneer gaat dit scenario echt werken? Als iedereen doet wat er van hem gevraagd wordt. Dat is de oproep in de speech. We moeten onze verantwoordelijkheid nemen: voor onszelf maar vooral ook voor elkaar. Rutte gaat op zoek naar deze verbinding door een duidelijk ‘wij tegen de grote vijand’-gevoel te creëren. Een gemeenschappelijke vijand is nu eenmaal een krachtig bindmiddel, maar alleen als het een vijand is waarvan we geloven dat we hem samen kunnen verslaan. Natuurlijk, we moeten de vijand serieus nemen, maar hij moet ook weer niet zó groot worden dat we niet geloven in de oplossing. In plaats van angstaanjagende ‘battle royal’-metaforen te gebruiken, houdt Rutte het daarom iets milder. Hij zegt:

“Dit is een tijd waarin we elkaar moeten vinden, over meningsverschillen en tegenstellingen heen. Een tijd om het gezamenlijke belang boven het eigen belang te stellen. En een tijd om ruimte en vertrouwen te geven aan al die mensen die onder hectische omstandigheden dag en nacht bezig zijn anderen te helpen en het virus onder controle te houden. (…) Ik wil eindigen met deze oproep: bij alle onzekerheden die er zijn, is één ding volstrekt duidelijk: de opgave waar we voor staan is heel groot en we moeten dit echt met 17 miljoen mensen doen. Samen komen we deze moeilijke periode te boven. Let een beetje op elkaar. Ik reken op u.”

Een grote boodschap in eenvoudige woorden. Een historische toespraak? De tijd zal het leren. Maar het zal geen toeval zijn dat de laatste zin van Winston Churchill’s historische ‘Blood, toil, tears and sweat’-speech perfect uitwisselbaar is met het eind van Ruttes toespraak:

“At this time I feel entitled to claim the aid of all, and I say, come then, let us go forward together with our united strength.”

 

 

Terug naar 100

Hét nieuws van de dag was natuurlijk de presentatie van de stikstofmaatregelen door het kabinet. Wat gaat er gebeuren en waarom eigenlijk? Het antwoord op die eerste vraag kan je eigenlijk niet ontgaan zijn: we gaan met z’n allen overdag terug naar 100 km/u. Maar de reden waarom lijkt per coalitiepartner toch een beetje te verschillen. Hoe wordt de maatregel geframed door diverse smaakmakers?

 

De coalitiepartijen

Op de ChristenUnie na schrijven de coalitiepartijen over de stikstofmaatregelen op hun eigen websites. Zo is de VVD geen voorstander van de ‘terug naar 100-maatregel’ (of ‘maximaal 100-maatregel’, zo je wilt). De vrijheid van de auto is nu eenmaal een stokpaardje van de partij. Om hun imago te redden zet de VVD vol in op een verliesframe: ‘We doen dit om een crisis te voorkomen.’ Oftewel: wij maken hier een moeilijke beslissing die het land behoedt voor een nóg ergere situatie. Die ergere situatie is voor de VVD dat de bouwsector vastloopt en dus is dat het perspectief dat ze schetsen: samen de schouders eronder zodat Nederland kan ‘blijven draaien’. Helemaal VVD-eigen want naast de ‘vroempartij’ is de VVD ook de partij die (hard) werken hoog in het vaandel heeft.

 

Op de website van het CDA is een duidelijke rol weggelegd voor de boeren. Niet zo vreemd natuurlijk, gezien hun achterban. Interessant hier is dat de boeren zowel de rol krijgen als slachtoffer als van medeverantwoordelijke bij dit probleem. Volgens het CDA is de maatregel namelijk nodig zodat ‘boeren, bouwers en baggeraars weer aan de slag kunnen’. Zij zijn nu het slachtoffer dat geholpen moet worden. Maar tegelijkertijd schrijft het CDA ook dat ‘iedereen zijn steentje moet bijdragen’. Dat ook de boeren bij die ‘iedereen’ horen wordt in de volgende zin duidelijk: ‘Waarbij onze boeren nog steeds perspectief hebben om te investeren en eigen keuzes te maken.’ Erg voorzichtig lijken de boeren hier voorbereid te worden op dat ook zij ‘iets’ zullen gaan merken.

 

D66 framet het helemaal anders. We gaan met z’n allen minder hard rijden om zowel de natuur als de bouwsector te beschermen. Hoewel dat laatste bij alle coalitiepartijen wel wordt benoemd, biedt het beschermen van de natuur hier een nieuw perspectief. Het wordt zelfs door D66 als eerste reden genoemd voor de stikstofmaatregelen. Het beschermen van het milieu is voor D66 nu eenmaal een belangrijk standpunt en dus zal de achterban ook verwachten dat het een prominente rol krijgt.

 

De kranten

Oke, de partijen hebben hun frame klaar. Maar hoe zien de media het? Dat ligt er maar net aan wie je het vraagt. Zo weet De Telegraaf heel goed waar het pijn doet: ‘VVD slaat linksaf’ kopt de krant op de voorpagina. Het imago van de VVD loopt een flinke deuk op volgens de krant. Daar is de nrc.next toch een stuk milder in: ‘Coalitie vindt een uitweg’, lezen we. De focus ligt nu opeens niet meer op de VVD die iets heeft verloren (aan een tegenstander), maar op een vruchtbare samenwerking. Trouw biedt een ander perspectief en maakt vooral duidelijk waaróm dit allemaal nodig is: ‘Eerste stappen om de bouw weer op gang te helpen’ en de Volkskrant vertelt ons waarom het ook voor ons niet-bouwers goed nieuws is: ‘De maximumsnelheid wordt verlaagd, maar daardoor bent u straks gemiddeld juist sneller thuis’. En zo ligt het maar net aan welke krant je hebt gelezen, wat je van de maatregel gevonden zult hebben.

 

Wie heeft het gedaan (en wie niet)?

We houden van verhalen in sprookjesformat, met duidelijke rollen en verwachtingspatronen: helden, schurken en slachtoffers. Als er een slachtoffer is, dan móét er ook iemand zijn die het allemaal heeft gedaan. Wordt die niet benoemd? Dan vullen we hem zelf in. Degenen die zich door de ‘terug naar 100-maatregel’ tekortgedaan voelen gaan dus op zoek naar wie ze hier de schuld van moeten geven. Wie o wie krijgt dit als erfenis mee?

Er is tenminste één frame dat we nog nergens teruggezien hebben. Een frame waarin de boeren een hoofdrol spelen. Namelijk in de rol van aanstichter. Zij wilden immers niet inbinden en nu moet de rest van Nederland langzamer rijden. Gek genoeg lijkt die connectie nog door niemand gelegd te worden. Blijkbaar is het de boeren toch echt goed gelukt om in de slachtofferrol te komen…én te blijven!

 

Zelf de kunst van het framen écht goed leren inzetten? Schaf dan ons nieuwe boek aan: Word Meesterframer!

Stakende docenten: neem een sterk frame mee!

Woensdag 6 november wordt er gestaakt door het primair onderwijs, al was er even onduidelijkheid of deze staking nog wel door moest gaan. Er werd namelijk al geld beloofd door het kabinet: 460 miljoen. Na enig gesteggel werd duidelijk; het was niet genoeg. De verwachting is dat 3.700 scholen de deuren sluiten. Het is niet de eerste keer dat deze mensen voor hun zaak opkomen. Maar voorlopig bleef het echte succes uit. Wij geven ze graag deze twee framing-waarschuwingen mee!

 

Laat het niet alleen over geld gaan

De eerste valkuil, waar de boeren zorgvuldig van wegbleven, is als de staking alleen over geld zou gaan. We lazen op nu.nl al een kop waar je als communicatieprofessional de kriebels van krijgt: ‘Waarom zijn de leraren niet blij met 460 miljoen van het kabinet?’. Meer geld voor de sector en een beter salaris is geen aantrekkelijk frame om sympathie mee te wekken. Want als 460 miljoen (!) het probleem niet oplost, dan wordt het ineens erg abstract en misschien zelfs een gevoelsmatige bodemloze put. Daarbij is er ook een deel van Nederland dat vindt dat een lerarensalaris helemaal niet zo beroerd is in vergelijking met hun eigen inkomen, dus bij hen komt de boodschap dan verkeerd aan: ‘wat zeuren ze nou?’

Dan de boeren. Zij spraken vooral over ‘waardering’ en ‘trots’ dat ze misten. Een framingstrategie die jaren geleden ook succesvol werd gehanteerd in de beruchte schoonmakerscampagne vanuit de FNV. In plaats van te vragen om meer salaris, vroegen ze om meer respect. En een van de dingen waarmee je dat uitdraagt is een fatsoenlijk loon. Ineens ben je niet meer de zoveelste burger die z’n handje ophoudt, maar vraag je om iets dat niet meer dan redelijk is.

 

Versterk niet je eigen ‘imagoprobleem’

Een van de dingen die geregeld worden benadrukt is het dat het niet goed gaat in onderwijsland. Een woordvoerder van de AOb zegt daarover: “Het vak kampt met een enorm imagoprobleem. Door een structurele salariëring neem je een groot struikelblok bij de werving van nieuwe leraren weg. Een deel van het geld kan ook worden gebruikt om klasseassistenten aan te nemen, die kunnen helpen de werkdruk weg te nemen. Dat gebeurt nu al, maar over het algemeen worden die binnen een week onbevoegd voor de klas gezet om de docententekorten op te vangen.” Hoe begrijpelijk deze inhoud ook is, onbewust en onbedoeld draag je met zo’n boodschap ook bij aan het vergroten van het probleem. Want wat blijft het meeste hangen? Weinig geld, werkdruk en onbevoegde collega’s. Wie wil daar nog bij horen? Natuurlijk moet je urgentie creëren, zodat de overheid gaat investeren. Maar het onbedoelde neveneffect is dat je hiermee zelf het vak nog onaantrekkelijker maakt. Want zelfs al komt er ruim voldoende geld, de negatieve perceptie blijft nog langer hangen.

En dan? Moet je dan niet vertellen hoe penibel de zaak is? Natuurlijk wel! Alleen is de kunst om niet bij de problemen in het hier en nu te blijven, maar ook juist de aandacht te richten op de negatieve consequenties. Wat verliezen we als we onvoldoende investeren in onderwijs voor de jeugd? Of juist: wat valt er te winnen? En wie wint daarbij? Nu lijkt de discussie – in ieder geval in de media – nog vaak te gaan over de docenten die tekortkomen. Die veel te veel op hun bordje krijgen en ook nog eens voor een te laag salaris. En dat is erg. Absoluut. Maar wat zou er gebeuren als niet die docent, maar de kinderen die ze doceren in de hoofdrol zouden komen als slachtoffer in het dominante frame morgen? Dan zou de publieke verontwaardiging nog een stuk groter kunnen worden.

Succes docenten, laat je horen!

 

Zelf de kunst van het framen écht goed leren inzetten? Schaf dan ons nieuwe boek aan: Word Meesterframer!

Waarom zelfs vrouwen niet goed kunnen multitasken

Nog even dat rapport aftikken, het nieuws checken, een driegangen diner in elkaar draaien én een portemonnee terugvinden…en dat allemaal tegelijkertijd. Tja, dat moet wel een vrouw zijn! De multitaskvaardigheden van vrouwen zijn wijdverbreid bekend en krijgen in sommige verhalen bijna mythische proporties. Zie jij jezelf als buitengewoon uitstekend multitaskende vrouw? Dan zal dit artikel misschien wel even slikken zijn. Want uit Duits onderzoek blijkt nu dat vrouwen helemaal niet beter kunnen multitasken dan mannen. Sterker nog: eigenlijk kan niemand het en gaat de snelheid én kwaliteit van je werk er alleen maar op achteruit.

Het onderzoek – gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift PLOS One – toont geen verschillen in de groep van 96 proefpersonen, waarvan de helft man en de andere helft vrouw. Simpelweg iedereen is slechter in de afzonderlijke taken als deze tegelijkertijd uitgevoerd moet worden. En dan hebben we het niet over een liedje fluiten als je de was opvouwt. Maar eigenlijk wisten we dit al lang.

 

Sneloverwogen en weloverwogen

De effecten zijn namelijk volkomen te verklaren en te voorspellen door hoe ons brein in elkaar steekt. Dat bestaat namelijk uit twee systemen: sneloverwogen (systeem 1) en weloverwogen (systeem 2).

Systeem sneloverwogen is altijd als eerste aan zet. Het is nou eenmaal snel en soms een tikje kort door de bocht. Sneloverwogen maakt beslissingen op basis van associaties en emotionele oordelen en doet dat volautomatisch. Komt er een bus keihard op je afgereden? Dan kan je sneloverwogen brein ervoor zorgen dat je gauw een stap achteruit zet, zonder dat je uitgebreid de voor- en nadelen tegenover elkaar hoeft te zetten.

Maar sneloverwogen is niet alleen: het weloverwogen brein heeft ook een vinger in de pap. Hij is alleen wel een stuk trager en kost ook nog eens behoorlijk wat energie. Als het even kan, gebruik je dat deel van je brein dus niet. Dat zie je ook in de praktijk: alleen als het echt relevant, belangrijk of ingewikkeld is, wordt systeem weloverwogen wakker. Een mooi voorbeeld hiervan zie je wel eens op feestjes. Je hebt vast wel eens meegemaakt dat je in gesprek bent met een groepje en opeens je eigen naam hoort vallen in een andere groep. Raar toch, dat je alléén je eigen naam hoort en de rest van dat gesprek niet? Het is zelfs zó raar, dat een andere verklaring veel aannemelijker is: jouw sneloverwogen brein heeft alles gewoon opgevangen, maar pas op het moment dat jouw naam werd genoemd, werd het gesprek relevant genoeg om je weloverwogen brein wakker te schudden.

 

Liedje fluiten of moeilijke sommen oplossen

Die balans tussen weloverwogen en sneloverwogen, daar zit ‘m nou precies ook de balans tussen wel of niet kunnen multitasken. Als je de was aan het opvouwen bent en tegelijkertijd een liedje fluit, komt daar niet zo gek veel weloverwogen bij aan te pas. Je hebt nou eenmaal niet heel veel bewustzijn of denkkracht nodig voor beide taken (behalve als je je uit alle macht de melodie van een liedje probeert te herinneren misschien). Dat sneloverwogen brein kan prima een aantal van dat soort taken tegelijkertijd uitvoeren. Maar de weloverwogen taken tegelijk uitvoeren? Dat wordt heel lastig. Je weloverwogen brein is namelijk nogal gefocust. Als ‘ie eenmaal wordt opgetrommeld, dan gaat dat brein er ook vol voor. En dan is er eigenlijk geen breinkracht meer over voor nog meer andere dingen. Veel mensen ervaren dat moment als ze in de auto op zoek zijn naar een adres: je bent er bijna, alleen nog een kwestie van huisnummers tellen. Voor veel mensen is dit het moment om de radio zachter te draaien. Een typisch weloverwogen brein-dingetje. Je bent zó gefocust bezig, dat je brein geen ruimte meer heeft voor andere prikkels, zoals muziek of een gesprek.  En heb je wel eens geprobeerd een hele lastige som uit te rekenen terwijl je in een héle krappe parkeerplaats probeert in te parkeren (zonder parkeersensoren uiteraard)? Wil één van de twee lukken, dan moet de andere taak toch écht even op pauze. Lukt het toch? Dan mag je – met de kennis van nu – zelf bedenken of je de grote uitzondering bent, of dat je misschien toch een te makkelijke som hebt gekozen.

Polariserende boerenframes

Het ‘boerenprotest’ met 100 trekkers op het Malieveld deed de gemoederen hoog oplopen. Niet alleen omdat het iets is dat ons allemaal aangaat – direct of indirect – maar ook omdat de frames lijnrecht tegenover elkaar stonden. Wij zetten er een aantal op een rijtje, zonder te oordelen over welk frame aan het langste eind zou moeten trekken. Want de rondzwervende frames rond dit onderwerp laten zien dat de invloed van taal enorm is.

 

Onderdrukte agrariër

Het eerste frame zet de klassieke boerenstiel in de hoofdrol: het is hard werken en het loont steeds minder. Je kunt nauwelijks meer rondkomen van de opbrengst en die moet daarom noodgedwongen steeds groter worden. Van alle kanten wordt de druk opgevoerd, vanuit Den Haag met verstikkende regelgeving (antibiotica, stikstof, etc.) en vanuit de voedselindustrie die hun prijzenoorlogen over de rug van de producenten voeren. In dit frame is de boer de vasthoudende held die ondanks alle druk voedsel en handelswaar voor Nederland blijft produceren. Opvallend: in dit frame wordt de consument vaak niet direct als schuldige aangewezen, ook al winkelt hij wel bij de goedkoopste super.

 

Miskende agrariër

In dit frame gaat het niet zozeer over geld, maar over erkenning. Boeren produceren ons eten, zonder boeren geen leven in Nederland! Daarbij wordt binnen dit frame ook geregeld aangehaald hoe belangrijk de landbouw is voor onze economie. Daar mogen we wel wat meer waardering voor hebben, in plaats van altijd de boeren in de rol van bad guy neer te zetten. De media en politiek krijgen in dit frame de schuld van het beroerde imago dat de agrarische sector heeft gekregen, maar ook de consument mag wel eens op bezoek komen om te zien hoe hard het leven op een boerderij écht is en met hoeveel overtuiging er gewerkt wordt. Als zelfs Schiphol wordt gematst ten koste van de vele mensen die ons voedsel mogelijk maken, dan toont dat hoe respectloos boeren behandeld worden.

 

Boerengrootkapitaal

Dit frame staat lijnrecht tegenover de twee voorgaande frames. Boeren zouden niet moeten zeuren, want zij zouden een stuk minder zielig zijn dan ze zich voordoen. Daar worden vaak drie argumenten bij gebruikt: de boerenlobby zou enorm sterk zijn (in NL en EU), zij horen bij de groep met het meeste vermogen (in land en machines) en er zou eigenlijk geen sprake meer zijn van ‘boertjes’, maar vooral van megabedrijven die prima kunnen onderhandelen met hun afnemers. Daarbij worden zij binnen dit frame soms ook in de negatiefste zin afgeschilderd als ‘milieuvervuilers’ en ‘dierenbeulen’: zij verdienen hun geld over de rug van onze aarde.

 

Boeren zijn ook burgers

Het laatste frame dat de afgelopen dagen opviel werd minder luid geroepen: we hebben grote uitdagingen en iedereen moet daar een bijdrage aan leveren. Óók de boeren, want die zijn ook Nederlands burger. In dit frame zijn de boeren niet de bad guy, maar wel een belangrijke verantwoordelijke in de oplossing. Ieder draagt zijn steentje bij en je kijkt vooral naar de sectoren waar de impact groot is. Dit frame is het meest uitgezoomd: het gaat over een breder probleem dan de andere frames die vaak persoonlijker worden gemaakt. En mede daarom is dit frame het minst gehoord: het is abstracter. Daarbij zorgen de andere frames met hun ‘held’ & ‘schurk’-format er ook voor dat ‘verantwoordelijke’ al snel toch als ‘schuldig’ gepercipieerd zal worden.

 

Wiens frame wordt overgenomen? Op 2 oktober kopt de Telegraaf: ‘Duimen voor onze boeren’ en schrijft: ‘De boeren eisen meer respect voor het harde werk dat verzet wordt op al die bedrijven die voor onze voedselvoorziening zorgen’ (miskend-frame). Trouw kopt: ‘De harde keuzes worden op het Malieveld niet benoemd’ (burger-frame). Het AD spreekt van een ‘historisch protest’ en toont een grote foto met protesterende boeren met borden met teksten als: ‘Trots op onze boer’, ‘No farmers, no food’, ‘Bijt niet in de hand die je voedt’ en ‘Alles zo goedkoop op een bord, maar de boer wordt gekort’ (miskend-frame en onderdrukt-frame).

De toon is hard en de beelden zijn eendimensionaal. Zo zagen we op Twitter een reactie: ‘Als je de regels doorbreekt door met 100 trekkers op het Malieveld te gaan staan waar er maar 75 mochten, dan moet je niet zeuren over je imago’. De taalstrijd om hoe we onze boeren moeten bekijken is nog lang niet gestreden.

De framing in de Troonrede 2019

De Troonrede: onze koning aan het woord, maar over zijn lippen komen woorden die druk bevochten zijn op de verschillende ministeries. Het eindresultaat is dan ook een allegaartje aan onderwerpen, mooi bijeengebonden met een overkoepelende boodschap. Een fraaie speech is de Troonrede eigenlijk niet. Maar het geeft de regering wel de mogelijkheid om het eerste startschot te lossen in hoe de plannen voor het aankomende jaar gezien moeten worden door ons, de burger. In de Algemene Beschouwingen die erop volgen zal er nog genoeg geframed worden, maar uit deze openingszet blijkt dat Rutte zijn frames voor de komende tijd duidelijk paraat heeft. In deze analyse zoomen we er op een aantal in.

 

Het overkoepelende frame

Opvallend in de toespraak was hoe de koning begint met een terugblik naar 75 jaar geleden toen Nederland bevrijd werd: “75 jaar later lijken vrijheid, democratie en een sterke rechtsstaat vanzelfsprekende waarden. Maar wie de wereld beschouwt, realiseert zich hoe bijzonder het is te leven in een land waarin mensen zich veilig kunnen voelen. Waarin vrijheid samengaat met verdraagzaamheid en verantwoordelijkheidsgevoel”. Naast een allitererende drieslag (drie waarden met een v), zit er ook een lesje in aan de mopperaars: je moet er wel wat voor blijven doen. En dat is: hard werken. Dat deden de generaties voor ons en dat worden wij ook geacht te doen. Een mooie opmaat naar de flinke beleidsmaatregelen die later in de toespraak aan bod komen. Ja, die mogen wat kosten, maar daar krijg je dan ook wat voor terug. Niet meteen, zoals Z.K. Hoogheid aangeeft, om daar vervolgens een investering in onderwijs als voorbeeld aan te koppelen. Blijf niet hangen in het nu, maar kom in ‘verzet’ voor de toekomst, waar de toespraak via een citaat van een 96-jarige bevrijder mee afsluit. Dat betekent dat je nu wat doet met de ‘dwingende winstwaarschuwing’ die we o.a. door de naderende Brexit voor de kiezen krijgen.

Als je kijkt naar de investeringen lijkt het geen onverstandig les om aan de luisteraar mee te geven. De algemene boodschap waarmee we het pakket aan beleidsmaatregelen moeten beoordelen is: het gaat goed, maar we moeten wel flink investeren om dat zo te houden. De onrustige wereldmarkt zorgt ervoor dat we minder gemakkelijk ons natje en droogje kunnen organiseren. Eigenlijk vertelt Rutte ons tussen de regels door: niet piepen dat we nu onze portemonnee trekken, u krijgt er later en véél later genoeg voor terug. Ondanks dat de plannen niet overal even concreet werden benoemd (of nog niet werden gemaakt), werd er wel al goed nagedacht over de framing van een aantal belangrijke issues.

 

Frame voor klimaat

Uit het regeerakkoord van dit kabinet werd al duidelijk dat zij beseffen dat je klimaatplannen niet verkocht krijgt met 5-voor-12 scenario’s, terwijl dit jarenlang het enige mogelijke frame leek. Waar het regeerakkoord de energietransitie nog framede als een kans om minder afhankelijk van Poetin en de olielanden te worden, wordt nu tot twee keer de opbrengst ‘schone lucht’ benoemd als trigger voor klimaatplannen. Slim is het frame om het te vergelijken met de waterwerken, die ons niet alleen veiligheid maar ook een exportkans brachten. “Schone lucht en nieuwe vormen van energie kunnen hand in hand gaan met duurzame landbouw, schone mobiliteit en kansen voor een innovatief bedrijfsleven”. Oftewel: het is een investering die zich op meerdere manieren gaat terugbetalen. Door het zo te framen, kunnen de consequenties als je het niet doet achterwege gelaten worden. En de rekening (die ‘eerlijk’ verdeeld moet worden) weegt ook nog eens wat minder zwaar.

 

Frame voor zorg

Het tweede geframede issue is de zorg. Er spelen “grote vragen voor de lange termijn”, omdat we langer leven maar lang niet altijd in goede gezondheid. De zin die dat uitlegt zal uitgebreid overlegd zijn bij het betreffende ministerie: “Maar daarmee stijgt ook het aantal chronische aandoeningen en is er steeds meer zorg nodig, terwijl er grenzen zijn aan de beschikbaarheid van mensen en middelen”. Want zo’n zin kan mensen al gauw in het verkeerde keelgat schieten. Is het de schuld van de zorgzoekende dat de zorg steeds duurder wordt? Frames die veel terugkomen in het publieke debat over zorg zijn het ‘graaiersframe’ (er wordt veel geld verdiend over de rug van de patiënt) en het ‘verspillingframe’ (er worden te veel middelen weggegooid en tijd aan administratie verspild). Dát zijn voor veel mensen de grote problemen, niet het feit dat we steeds ouder worden. In de toespraak wordt snel overgegaan op oplossingen: meer ‘liefdevolle’ handen aan het bed, de sector aantrekkelijker maken en technische innovatie. Wie goed luistert, hoort in dat lijstje ook preventie en een sportakkoord. Dus de burger krijgt wel degelijk zelf ook een belangrijke verantwoordelijkheid toegedicht, alleen blijft dat – strategisch slim – op de achtergrond.

 

Framing dienstverlening overheid

Het laatste issue is de dienstverlening van de overheid: die moet beter. De burger moet zich beter geserviced voelen. Twee zinnen vielen op: “De oorzaken van de huidige problemen zijn divers: verouderde ICT, personeelstekorten en te veel te gedetailleerd beleid, waardoor de uitvoering te ingewikkeld wordt. Medewerkers van uitvoeringsorganisaties staan hierdoor soms voor een onmogelijke opgave en de menselijke maat verdwijnt uit het zicht”. Het is een klassieker: het ‘systeemfoutframe’. In dit frame belanden goed bedoelende medewerkers in een systeem dat hen dusdanig tegenwerkt dat zij hun werk niet meer goed kunnen doen. Niet de mensen, maar het systeem waarin zij gevangen zitten moet dus veranderen. Het zal enerzijds een opluchting geweest zijn voor de meeluisterende medewerkers van de Belastingdienst en het UWV die actief benoemd werden. Anderzijds geeft het ook aan dat we er niet te veel van moeten verwachten: een systeem dat zijn gebruikers gevangenhoudt, geeft zich niet zomaar gewonnen.

Benieuwd welke tegenframes er tijdens de Algemene Beschouwingen tevoorschijn komen!

Als één schaap over de dam is…

Tijdens onze workshops vragen we weleens: “Als echt ál je collega’s opstaan, naar buiten gaan en in de sloot lopen, doe jij dat dan ook?” Zelden zegt iemand volmondig ‘ja’. Opvallend, want het principe van sociaal bewijs is één van de sterkste psychologische effecten. We doen nu eenmaal héél erg graag wat de rest doet en we laten ons hierdoor dan ook maar wat graag beïnvloeden!

 

The Asch Experiment

Oké, toegegeven, in de sloot lopen is wellicht iets te rigoureus, maar dit effect gaat verder dan je denkt. Zo laat het klassieke Asch-experiment fantastisch goed zien hoe sterk dit effect is. In dit experiment krijgen deelnemers een aantal plaatjes te zien waarbij ze het voorbeeld-streepje qua lengte moeten matchen aan één van de andere streepjes. Iedereen (behalve één persoon) hoort bij het experiment en zij hebben te horen gekregen steeds met z’n allen het verkeerde antwoord te geven. Het juiste antwoord is overduidelijk: iedereen kan zien welke streepjes even lang zijn. Toch blijkt dat de (enige) proefpersoon zich gaat conformeren naar de groep, als deze consequent een ander antwoord geeft.

 

Bystander effect

Misschien denk jij nu: “Dat zou mij niet overkomen” of “Je zíét toch wat het juiste antwoord is?!” Toegegeven: het is best mogelijk dat jij hier niet in mee zou gaan, maar voor de meeste mensen zijn deze gedachtes niets meer dan een vorm van (sorry) volkomen menselijke zelfoverschatting. Kijk bijvoorbeeld eens naar het bystander effect. Waarschijnlijk heel herkenbaar en het heeft alles te maken met sociaal bewijs. Dit effect houdt grofweg het volgende in: hoe meer mensen een (onbewuste) groep vormen, hoe makkelijker het is om de verantwoordelijkheid voor iets te ontlopen. Oftewel: als jij midden op straat onwel wordt, is de kans kleiner dat je (snel) wordt geholpen naarmate er meer mensen op straat zijn. Hoe groter namelijk de groep is die niets doet, hoe makkelijker het is om ook niets te doen. Maar zodra één persoon je komt helpen, zul je zien dat er snel meer mensen bij komen staan. Er is namelijk een nieuwe groep gemaakt waar mensen zich bij kunnen aansluiten. Onze tip? Als je hulp nodig hebt, probeer dan altijd iemand persoonlijk aan te spreken. Dan wordt het namelijk wel heel moeilijk om die verantwoordelijkheid te negeren!

 

Wat kun jij ermee?

Waarschijnlijk (en hopelijk) heb je niet op regelmatige basis te maken met mensen die midden op straat in elkaar zakken. Maar gelukkig kun je in het dagelijks leven ook rekening houden met dit effect. Wel eens een mailtje gestuurd naar een groep collega’s of vrienden met de mededeling dat ‘nog bijna niemand heeft gereageerd’ op je vorige mail en dat het nu toch wel echt tijd wordt? Wat je dan eigenlijk doet, is de sociale norm stellen op ‘niet reageren’. In het hoofd van je lezer krijgt jouw mail ook nu weer niet zo’n hele hoge prioriteit, immers: niemand reageert, dus waarom zou hij of zij het wel doen? Slimmer is het om te schrijven dat al veel mensen hebben gereageerd en daarna die ‘enkelen’ die nog niet hebben gereageerd te verzoeken dit alsnog vandaag even te doen. Moet jij eens kijken hoe snel je inbox volstroomt…

 

P.S. Kun je er geen genoeg van krijgen? Of gewoon nog niet overtuigd? Op YouTube zijn oneindig veel filmpjes te vinden van verschillende experimenten. Zoals dit experiment, waarbij iedereen uiteindelijk in polonaise over straat loopt zonder te weten waarom, dit experiment waarbij ongemakkelijke situaties in een lift ontstaan en dit experiment waarbij gekeken wordt hoe lang het duurt voordat mensen alarm staan als de kamer blauw komt te staan van de rook (tipje van de sluier: schrikbarend lang!)

Het vaasje van Rutte

Het kan je bijna niet ontgaan zijn: ‘de’ brief van Mark Rutte aan Nederland. Afgelopen maandag werd deze paginagroot afgedrukt in het AD. Niet voor het eerst overigens, want in januari 2017 schreef Rutte ook al een brief aan ons.

Op beide brieven zijn de nodige reacties gekomen. In 2017 werd Rutte vooral bekritiseerd vanwege de toon (te negatief), terwijl in de reacties op de tweede brief een hoofdrol is weggelegd voor de metafoor van ‘het vaasje’. Maar hoe verschillend zijn de brieven nou eigenlijk écht?

 

Het frame

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: het door Rutte gekozen frame in 2017 is hetzelfde als dat in 2018. Het gaat namelijk in beide brieven om hetzelfde: een mooi land dat we, samen, nog veel mooier kunnen maken. Maar een land dat ook makkelijk kan afglijden. Dat konden we in 2017 voorkomen door aso’s een halt toe te roepen en onze Nederlandse waarden te beschermen, in 2018 kan dat door samen het broze bezit (Nederland) te beschermen. Zo gezien is dat ‘vaasje heel houden’ eigenlijk het ‘normaal doen’ van 2018. Maar dan iets minder recht voor z’n raap.

 

Het vaasje

Zeker opvallend is dat vaasje. Een metafoor die moet aangeven dat ‘ons mooie Nederland’ voorzichtig behandeld moet worden. Kijk uit, hij valt zo kapot! Een dreigement dat we ook in 2017 zagen. Alleen toen dreigde het vaasje niet te vallen, maar dreigde ‘het Nederland waar we zo hard voor hebben gewerkt’, omver gegooid te worden. Tja, kapotvallen, kapotduwen… zo anders is het eigenlijk niet. En toch blijft dat vaasje een stuk beter plakken dan dat land dat omgeduwd kan worden. Dat heeft waarschijnlijk deels te maken met de metafoor. Een vaasje is natuurlijk ontzettend concreet: je ziet het meteen voor je. Je begrijpt de metafoor ook meteen. De associaties die worden opgeroepen, worden moeiteloos op ‘Nederland’ geplakt: een broos, teer object waar je voorzichtig mee om moet gaan. Dat ligt anders bij het omduw-voorbeeld. Wat zie jij voor je? Een groep hooligans die heel hard tegen ‘een Nederland’ aan het duwen is? Het glibbert net niet zo makkelijk het brein in als het vaasje.

 

De reacties

Dat het vaasje lekker blijft plakken, zie je meteen terug in alle reacties. Men gaat met dat vaasje aan de haal en het wordt door iedereen herhaald. Handig voor Rutte, want die kan voorlopig wel teren op dat vaasje. Maar het vaasje wordt ook gereframed. De stap naar een vaas die Mark himself uit zijn handen heeft laten vallen en al aan diggelen ligt, is natuurlijk snel gemaakt.

Henk Krol van 50Plus doet het op zijn eigen manier en herhaalt het frame van Rutte door te zeggen dat Nederland inderdaad als een kostbaar vaasje is dat we samen vasthouden. Deze herhaling is natuurlijk fantastisch voor Rutte, want we weten: hoe vaker een frame wordt herhaald, hoe dieper het frame in het brein vast komt te liggen. Dat Krol halverwege zijn brief zegt dat het eigenlijk helemaal niet om het vaasje gaat maar om de bloemen, doet hier niets aan af. Sterker nog: de metafoor van Krol waarin hij mooie en verwelkte bloemen vergelijkt met mensen die het beter of minder goed voor elkaar hebben, zou zelfs een tegengestelde werking kunnen hebben. Want wat doe je met verwelkte bloemen in een vaas vol mooie bloemen? Juist, die haal je eruit en gooi je weg! En dat is vast niet waar Krol op doelde…