Drieluik over vuurwerkframing deel 3: zelf aan de gang met vuurwerkframing

In de vorige artikelen hebben we je laten zien welke frames we in het publieke debat hebben gevonden én wat je nu in het nieuws kunt zien gebeuren. Interessant om te weten en handig als je een discussie over vuurwerk verder wilt uitpluizen. Maar waar moet je nou op letten als je zélf goed beslagen ten ijs wilt komen bij het volgende gesprek over vuurwerk? Daar zoomen we deze keer op in.

Stapelen maar!

Er wordt bij dit onderwerp opvallend veel ‘gestapeld’ met frames. Dat betekent dat mensen vaak meer dan één frame gebruiken om hun mening mee te onderbouwen. Dat kan en hoeft op zich geen probleem te zijn, zolang de met elkaar gecombineerde frames qua redenering en conclusie goed bij elkaar passen. Zo is bijvoorbeeld het Vervuiling en afval-frame goed te combineren met het Kostenpost-frame en laat het Feestelijke traditie-frame zich makkelijk samen gebruiken met het Betuttelende overheid-frame. Met name de tegenstanders van vuurwerk (en dus de voorstanders van restricties of een verbod) lijken opvallend veel te stapelen. De bedoeling van dat stapelen is een versterkend effect: duidelijk maken dat er zó veel nadelen en risico’s aan vuurwerk kleven dat het onverantwoord is om het nog langer (particulier) toe te staan in de Nederlandse samenleving.

Zolang de frames elkaar niet tegenspreken maar op elkaar voortbouwen, kunnen ze gezamenlijk worden ingezet zonder aan overtuigingskracht in te boeten. Maar: het is niet per se het geval dat men zo’n stapel van frames ook overtuigender vindt dan focus op een enkel frame. ‘Hoe meer hoe beter’ gaat zeker niet zomaar op als het om framing gaat. Soms kan juist focus op één aspect ook een sterk overtuigende werking hebben. Sta stil welk van de frames de meeste impact op je ontvanger zou kunnen hebben en zorg dat hier de grootste focus op komt te liggen.

Soms is het beter om niet te reageren binnen dezelfde waarde

Sommige frames sluiten elkaar systematisch uit, omdat ze naar een andere conclusie toe sturen binnen hetzelfde uitgangspunt. Als twee mensen in een gesprek dat soort frames gebruiken die niet bij elkaar passen (zie onze opsomming hieronder), dan zullen ze elkaar waarschijnlijk niet goed begrijpen. Dat komt omdat ze deels dezelfde feiten en zelfs dezelfde redenering zullen gebruiken, maar daaruit toch volstrekt tegengestelde conclusies trekken. In sommige gevallen zullen mensen het zelfs niet doorhebben als zij toch echt een ander uitgangspunt (frame) hanteren, waardoor er juist extra onbegrip ontstaat over hoe die ander nu bij díé conclusie kan aanbelanden.

  • Kostenpost vs. Verdienmodel – deze frames zijn we in het vorige artikel al tegengekomen: ze focussen allebei op geldzaken, maar waar het Kostenpost-frame inzet op strengere regelgeving of een verbod, zet het Verdienmodel-frame het geldargument in als reden om juist door te gaan met vuurwerkverkoop. Waar de ene framegebruiker spreekt over verspilling en schade, zal de ander juist oog hebben voor de winst. De kosten van vuurwerk worden in dit laatste frame dan ook niet als ‘zonde’ gezien, maar als winst of een afweging waarbij het probleem zichzelf als het ware juist oplost.
  • Overlast vs. Verbod heeft geen zin – het Overlast-frame gaat ervanuit dat vuurwerk een steeds groter probleem is en steeds meer overlast veroorzaakt. Dat erkent het Verbod heeft geen zin-frame ook, alleen wordt er binnen de redeneringen van deze frames naar twee verschillende handelsperspectieven gestuurd: waar het Overlast-frame handhaving en/of een verbod juist als een mogelijke oplossing ziet, stelt met binnen het Verbod heeft geen zin-frame juist dat dit helemaal niet gaat helpen.
  • Feestelijke traditie vs. Alternatieven wennen – deze frames zijn incompatibel, omdat ze de waarde van vuurwerk op een heel andere manier wegen. Voor degenen die Feestelijke traditie hanteren, is het namelijk volstrekt ondenkbaar dat er géén vuurwerk aanwezig zal zijn bij de jaarwisseling. Vuurwerk wordt door de gebruikers van dit frame niet alleen geassocieerd met feestvieren, maar ook met samenzijn met vrienden en geliefden en samen bijzondere herinneringen creëren. Men verwijst vaak naar toen ze zelf jong waren en hoe zij het vuurwerk afsteken beleefden en beleven. Dat gevoel wil men graag doorgeven aan, en meemaken met hun eigen gezin. De jaarwisseling is in hun ogen speciaal, juist omdat we er vuurwerk bij mogen afsteken. Het is het enige moment in het jaar dat het mag en dat bijzondere moment moet je koesteren. Tja, nogal logisch dat deze framegebruikers niet akkoord gaan met een droneshow of een georganiseerde vuurwerkshow op een centrale plek, zoals vaak binnen het Alternatieven wennen-frame wordt geopperd.
  • Betuttelende overheid vs. Beschermheer ­– het Betuttelende overheid-frame hebben we in het eerste artikel besproken: hierin staat centraal dat de overheid zich vooral niet overal zo mee moet bemoeien en dat een beetje risico bij het leven hoort. Hier lijnrecht tegenover staat het Beschermheer-frame, waarbij juist een oproep wordt gedaan aan de overheid om meer verantwoordelijkheid te nemen. Zij moet ons beschermen tegen gevaarlijke praktijken. Het is de tegenovergestelde redenering dan die in het Betuttelende overheid-frame wordt gehanteerd, waarbij de rolverdeling bij beide frames compleet anders wordt ingevuld. Waar de overheid bij het ene frame groot en ongewenst is, is diezelfde overheid binnen het andere frame juist klein en achtergesteld.

Het neutraliseren van frames kan alleen door ruimte te bieden aan nieuwe frames, dus door (deels) te reframen. Hoe toon je een tegenstander van vuurwerk wat de meerwaarde ervan is? Of hoe toon je een voorstander juist waarom een inperking of zelfs totaalverbod een goed idee is? Wat snel kan gebeuren, is dat men naar het tegenframe grijpt (zie de paartjes in de opsomming hierboven). Zo’n tegenframe komt precies op de tegengestelde conclusie uit en precies daarom heeft het weinig zin om een frame met het bijbehorende tegenframe te proberen te neutraliseren. Je volgt immers nagenoeg dezelfde narratieve route, maar je vraagt de gebruiker om bij een compleet andere conclusie uit te komen. De kans dat iemand dan toch weer bij zijn ‘eigen’ conclusie belandt, is dan natuurlijk zeer groot. Meer impact heb je waarschijnlijk als je bij een ander startpunt begint: een andere waarde als uitgangspunt kan wellicht een nieuwe zichtlijn mogelijk maken.

Haal dichtbij, maak concreet

Wil je iemand echt overtuigen? Zorg er dan voor dat je luisteraar het met je meebeleeft. Dat bereik je onder andere door ervoor te zorgen dat jouw verhaal makkelijk voor te stellen is. Persoonlijke ervaringen zijn vaak erg concreet en hebben een enorme plakkracht: als je in een straat woont met veel vuurwerkoverlast, dan is het te verklaren waarom het Overlast-frame steeds dominanter wordt in je hoofd. Maar woon je in een straat zonder incidenten en waar de buren elkaar gemoedelijk opzoeken op straat, dan zal het Feestelijke traditie-frame meer voor de hand liggen. Om deze verhalen te voorzien van een serieus concurrerend verhaal, ligt de lat dus hoog. Het verhaal waar je mentale aandacht voor vraagt, moet dus ook zeer voorstelbaar, herkenbaar en/of dichtbij zijn.

Hoe levendiger je verhaal wordt verteld, hoe meer plakkracht het frame kan krijgen. Dat betekent dat ingezoomde verhalen gemakkelijker blijven hangen dan onpersoonlijke verhalen over groepen, categorieën of systemen. Ook hebben voorbeelden meer impact dan algemene beschouwingen. Hoe abstracter en uitgezoomder het verhaal, hoe minder er van jouw frame blijft hangen.

Laatste tip. Wat je ook wilt framen en hoe je dat ook doet, vergeet niet om ook naar de ander te luisteren. Discussie is goed, maar aan ruzie heb je niks.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *